Enkel-Voet
Enkelprothese of artrodese
Mensen met enkelartrose kunnen jarenlang met klachten lopen en twijfelen over de vraag wat de juiste behandeling is. Die kan voor iedereen verschillend zijn, maar één ding is zeker: alleen goede voorlichting biedt de basis voor een verantwoorde beslissing.
Wordt het een prothese of een artrodese?
Twee beslissingstrajecten
Enkel vastzetten (= artrodese)
Het is al zeker tien jaar geleden dat mevrouw M. Ozinga-Kottier (63) uit Leeuwarden bij het bewegen enkelpijn begon te krijgen. Bewoog ze de enkel daarop heen en weer, dan knakte er iets en leek alles weer op zijn plaats te schieten. Maar eigenlijk had ze er altijd last van. Jaren eerder, toen ze nog in de gezondheidszorg werkte, ging ze eens bij een ongelukkige beweging door haar enkel heen. Vanaf die tijd ging ze eigenlijk altijd met een zwachtel op vakantie. Ze hield van wandeltochten, maar had daarbij wel ondersteuning nodig.
Diverse operaties
‘Ik ging zo vaak door die enkel’, zegt ze achteraf. ‘Je gaat gewoon maar door. En ik had ook niet altijd pijn natuurlijk.’ Maar toen de pijn op een gegeven moment nooit meer wegging, besloot ze toch maar eens naar haar huisarts te gaan. Die zei meteen: “Jij hebt ooit je enkel gebroken”. Dat is tien jaar geleden. Ze ging verder het zorgcircuit in en kwam terecht bij een algemeen chirurg die veel patiënten met sportblessures behandelde. Die opende de enkel en zag botsplinters op het kraakbeen. Hij verwijderde die en spoelde de enkel schoon. ‘Toen ging het wel weer’, vertelt mevrouw Ozinga. ‘Maar langzamerhand kwamen de klachten terug en toen zei dezelfde chirurg dat hij het een moeilijke enkel vond worden.’
Dat vond een orthopeed in het academisch ziekenhuis ook, toen ze daar in 1996 voor onderzoek naartoe ging. ‘Ze wisten niet wat ze moesten doen, maar vonden het wel verbazingwekkend dat ik nog kon lopen’, vertelt ze. ‘Daar had ik niet zoveel aan. Ik kreeg een kunststof koker om mijn enkel te ondersteunen, maar die irriteerde nogal.’
In 1999 volgde een tweede operatie bij de algemeen chirurg. ‘Die had me eerder aangeraden om te zwemmen en fietsen en behandeling uit te stellen’, vertelt mevrouw Ozinga. ‘Maar ik kón gewoon niet meer en vroeg of hij alsjeblieft mijn enkel stijf wilde zetten. Dat wilde hij echter liefst zo lang mogelijk uitstellen. Ook stelde hij voor op termijn een nieuwe techniek toe te passen, namelijk het plaatsen van een enkelprothese. Voor het ogenblik besloot hij echter om de enkel opnieuw uit te spoelen. Deze keer hielp dat helemaal niet meer. Ik wist niet meer welke schoenen ik moest aantrekken.’
Informatie via de SPO
Bij haar fysiotherapeut zag mevrouw Ozinga het blad Beter in Beweging liggen. Ze belde de Informatiedesk van de SPO en kreeg daar te horen dat het plaatsen van een prothese een nieuwe ingreep was die alleen verantwoord kon geschieden door iemand die hiermee ervaring had opgebouwd.
Zo kwam ze in een van de ziekenhuizen, waar veel ervaring met de enkelprothese is, terecht. De orthopeed daar kon geen wijs worden uit het operatieverslag dat de algemeen chirurg had doorgestuurd. Bovendien wist hij niet wat die algemeen chirurg bedoelde met de “halve nieuwe enkel” die hij had voorgesteld. Maar een prothese was hoe dan ook uitgesloten. Haar voet stond negen graden uit het lood en een prothese zou daardoor bij belasting zeker afbreken. ‘Dan kun je helemaal niets meer’, zei de orthopeed en hij raadde aan de enkel vast te zetten. Aldus geschiedde.
Na de artrodese-operatie
‘Mensen hadden me verteld dat het daarna zou voelen alsof ik tegen een berg oploop’, vertelt mevrouw Ozinga. ‘Dat is dus helemaal niet zo. Tijdens een wandelvakantie in Rome heb ik gehuild van geluk dat ik dat weer kon doen. Nu begint de andere enkel hinder te geven en ook die zou ik zó laten vastzetten als het moet.’
Enkelprothese
Hoe anders is het verhaal van haar broer, F. Kottier (65) uit Lemmer. Hij kreeg in 1995 last van zijn linkerenkel en kon bij de orthopeed zelf op de foto’s zien dat het kraakbeen aan beide zijden was aangetast. “Vastzetten is echt het laatste wat je moet doen”, vertelde de orthopeed hem. Kottier verzamelde zelf gegevens over medicijnen die de afbraak van het kraakbot remmen, maar raakte ontmoedigd toen de orthopeed hem vertelde dat het gebruik daarvan waarschijnlijk zijn neus en oren zou doen groeien.
Geen garantie
‘Via mijn zus kwam ik in 2001 elders voor een second opinion’, vertelt de heer Kottier. ‘Lopen was toen inmiddels een pijnlijke aangelegenheid. Ik kreeg van de orthopeed te horen dat ik in aanmerking kwam voor zowel een artrodese als voor een prothese. Ik moest zelf de beslissing nemen.’ Opnieuw verzamelde hij de nodige informatie en op grond daarvan koos hij voor de prothese. ‘Blijkbaar is die ontwikkeling nog zo nieuw dat de orthopeed er geen garanties over durfde te geven’, vertelt hij. ‘Ik moest het écht zelf beslissen. Maar toen ik dat eenmaal had gedaan, werd ik heel goed geïnformeerd over de ingreep en de gevolgen ervan.’
Na de prothese-operatie
Drie dagen na de operatie mocht hij – met zijn voet en enkel in het gips – naar huis. Na twee weken kreeg hij loopgips en weer wat later een walker (red: kunststofspalk). ‘In het begin ging bewegen erg moeilijk’, zegt de heer Kottier, ‘maar na een paar maanden kon ik weer redelijk lopen. Vorige week liep ik voor het eerst pakweg drie kilometer. Dat vond ik een hele prestatie van mezelf.’
Meneer Kottier vindt dat hij veel te danken heeft aan zijn fysiotherapeut, die zo goed mogelijk probeerde om het al snel optredende oedeem weer weg te krijgen. Toch is het maar de vraag of dit ooit helemaal zal verdwijnen. ‘Maar het gebruik van de elastische kous ben ik nu toch wel aan het afbouwen’, zegt hij zelf, ‘want ik ben eigenlijk beter hoor.’
Maar betekent dit ook dat hij tevreden is? Zou hij bij de rechterenkel ook voor een prothese kiezen als hij daaraan klachten kreeg? Hij zegt aarzelend: ‘Mijn zus heeft een artrodese en zij loopt als een kievit. In mei zijn we samen op vakantie geweest en toen merkte ik wel dat zij aanmerkelijk beter af is dan ik. Ik weet het dus nog niet zo zeker. Maar gelukkig heb ik rechts nog nergens last van.’
Noot van de redactie:
In het artikel wordt gesproken over ongewenste groei van neus en oren. Ter geruststelling: er zijn bij de redactie geen medicijnen bekend die deze reacties teweegbrengen. De redactie wijst er met nadruk op dat de enkelprothese nog niet algemeen toegepast wordt bij slijtage/artrose van de enkel. Wel zijn er gunstige langere termijnresultaten bekend bij patiënten met reuma.
Er zijn een aantal studies gaande over de lange termijn resultaten bij enkelslijtage/artrose waarover wij in de toekomst ongetwijfeld zullen berichten.
door: Frank van Wijck
Uit: Beter in Beweging, september 2004

