Knie
Meniscus
Een kwetsbare schokdemper
De meniscus is van groot belang voor de knie. Hij zorgt onder meer voor soepelheid en hij beschermt tegen slijtage van het kraakbeen. Maar hij kan snel beschadigd raken.
Wat kan er allemaal gebeuren en hoe kunnen de meniscusproblemen behandeld worden?
Het knie gewricht is het scharnier tussen het bovenbeen en het onderbeen. Het gewricht is bedekt met glad kraak been. Een klein beetje gewrichtsvloeistof zorgt voor de smering. Daardoor kan men een knie soepel buigen en strekken. Tussen het bovenbeen en het onderbeen liggen twee kussentjes van kraakbeen. Ze hebben de vorm van een halve maan. Het kussentje aan de binnenkant van de knie heet de mediale meniscus en het kussentje aan de buitenkant de laterale meniscus. De meniscus werkt als een schokdemper en beschermt het kraakbeen van het bovenbeen en het onderbeen tegen het optreden van slijtage.
Omdat de meniscus een schokdemper is, bestaat hij uit veerkrachtig materiaal. Dat maakt hem ook kwetsbaar. Na een verdraaiing of een val kan de meniscus daarom nogal makkelijk scheuren. Door de bewegingen van de knie kan de scheur steeds groter worden. Uiteindelijk kan een gedeelte van de meniscus bijna geheel losraken van zijn oorspronkelijke plaats. Soms komt het losse stuk van de meniscus zelfs vast te zitten tussen de twee botstukken van het gewricht, zodat het scharnier als het ware vastloopt. We zeggen dan dat de knie 'op slot' zit. Door de losse meniscusflarden raakt de knie ook geprikkeld en gaat vaak extra gewrichtsvloeistof aanmaken: de knie wordt dik.
De beschadigde meniscus
Als na een verdraaiing, of een val, of een extreme beweging zoals opkomen uit hurkzit, de knie pijn blijft doen, af en toe op slot gaat zitten en verdikt is, kan een beschadigde meniscus de oorzaak van deze klachten zijn. Op een röntgenfoto is een meniscus niet zichtbaar.
Toch wordt een foto gemaakt om een andere oorzaak van de klachten aan te tonen of uit te sluiten. Een los stukje bot bijvoorbeeld kan dezelfde klachten opleveren als een kapotte meniscus. In een enkel geval blijft de oorzaak van de klachten onduidelijk. In zo'n geval kan een MRI gemaakt worden. Op een MRI zijn de meniscus en een eventuele scheur in de meniscus wel te zien.
Een losgescheurd stukje meniscus kan geen dienst meer doen als schokbreker. Als het half-afgescheurde stukje meniscus alleen maar klachten geeft, kan het net zo goed worden verwijderd. Dat kan zeer goed gebeuren door middel van een artroscopie.
Via een klein gaatje wordt de artroscoop (de gewrichtskijker) in de knie gebracht. De meniscus kan zo goed worden beoordeeld. Als er een losliggende flap aan de meniscus zit, wordt deze flap met een schaartje afgeknipt en verwijderd. Maar in een enkel geval zit er in de meniscus een scheur die te vergelijken is met een scheur in de huid. Net zoals een huidwond gehecht kan worden, kan ook de meniscusscheur worden gehecht. Om te kunnen hechten, moet er soms een klein extra sneetje worden gemaakt bij de huid van de meniscus. Soms kan hij ook worden gerepareerd met kleine oplosbare spijkertjes. Het voordeel van een meniscushechting is, dat de schokdemper voor de knie behouden blijft. De knie blijft dus beschermd tegen artrose.
Maar de gehechte meniscus moet wel kunnen genezen. Dat betekent dat de knie een tijdje rust moet hebben en dat de patiënt een periode niet kan sporten. De kans dat een meniscushechting geneest, is ongeveer 80 procent. Na het verwijderen van een losliggend stukje meniscus daarentegen, is het probleem in één keer opgelost en kunnen de (sportieve) activiteiten weer vrij snel worden hervat.
Aan beide behandelmethoden, het verwijderen en het vasthechten van de meniscus, kleven dus voor- en nadelen.
De meniscus en de voorste kruisband
De schokdemper, de meniscus dus, wordt als het ware beschermd door de voorste kruisband. Als de voorste kruisband kapot is, wordt de meniscus niet goed meer beschermd. De meniscus raakt daardoor sneller beschadigd. Daarom zijn er zoveel patiënten met een niet goed werkende voorste kruisband en een beschadigde meniscus. Het repareren van een kapotte voorste kruisband heeft dus een gunstig en beschermend effect op de meniscus. Aan de andere kant is het ook zo, dat het hechten van een meniscus alleen maar verantwoord kan gebeuren als tegelijkertijd de (beschermende functie van de) voorste kruisband wordt hersteld.
Altijd opereren?
Als er al langer klachten zijn van een kapotte meniscus, wordt een artroscopie afgesproken. Maar als de knieklachten niet duidelijk wijzen op een probleem met de meniscus kan de orthopeed ervoor kiezen om de knie eerst te laten behandelen door een fysiotherapeut. Klachten kunnen namelijk ook veroorzaakt worden door een overbelasting van de knie of een beginnende slijtage. In dat geval helpt oefentherapie goed. Zijn de klachten na de fysiotherapeutische behandeling nog steeds aanwezig, dan kan alsnog een artroscopie worden afgesproken om eventuele meniscusbeschadigingen op te sporen en te behandelen. Ook kan een MRI worden verricht.
Bij een meniscusprobleem hoeft dus niet altijd direct geopereerd te worden. Als de knie door een meniscus op slot zit, wordt uiteraard op korte termijn een artroscopie gedaan.
Op latere leeftijd neemt de veerkracht van de meniscus af. De randen van de meniscus worden vaak ook wat rafelig. Ook wordt de kwaliteit van het gewrichtskraakbeen wat slechter. Pijnklachten van de knie worden dan meestal niet veroorzaakt door een meniscusbeschadiging, maar door de afnemende veerkracht van de weefsels, of een beginnende slijtage van de knie. Het verwijderen van een meniscus maakt in zo'n geval het probleem alleen maar groter. Want als de meniscus wordt verwijderd, verdwijnt nog meer schokdemper uit de knie. De behandeling moet in zo'n geval gericht worden op de beginnende slijtage en juist op het behouden van de meniscus in de knie. Verwijderen van stukjes meniscus uit een slijtende knie heeft alleen maar zin als het gaat om grote losliggende fragmenten, die slotklachten en irritatie opleveren.
Verdere ontwikkelingen
De meniscus heeft een belangrijke functie in de knie. Het is in de eerste plaats een schokbreker, maar omdat de meniscus aan de rand van het gewricht ligt, geeft hij ook nog steun aan de botstukken van het gewricht: de meniscus maakt de knie stabieler.
Het is dus belangrijk om zuinig te zijn op een meniscus. We verwijderen daarom alleen kapotte en losliggende meniscusflarden die klachten geven. Onbeschadigd meniscusweefsel halen we niet zomaar weg. Daar is een meniscus veel te belangrijk voor. Als dat mogelijk is, zullen we de meniscus hechten. We bewaren zoveel meniscus als maar mogelijk is. Als de meniscus toch geheel verwijderd moet worden, is een meniscustransplantatie mogelijk.
Uit: Beter in Beweging februari 1999
De meniscus is van groot belang voor de knie. Hij zorgt onder meer voor soepelheid en hij beschermt tegen slijtage van het kraakbeen. Maar hij kan snel beschadigd raken.
Wat kan er allemaal gebeuren en hoe kunnen de meniscusproblemen behandeld worden?
Het knie gewricht is het scharnier tussen het bovenbeen en het onderbeen. Het gewricht is bedekt met glad kraak been. Een klein beetje gewrichtsvloeistof zorgt voor de smering. Daardoor kan men een knie soepel buigen en strekken. Tussen het bovenbeen en het onderbeen liggen twee kussentjes van kraakbeen. Ze hebben de vorm van een halve maan. Het kussentje aan de binnenkant van de knie heet de mediale meniscus en het kussentje aan de buitenkant de laterale meniscus. De meniscus werkt als een schokdemper en beschermt het kraakbeen van het bovenbeen en het onderbeen tegen het optreden van slijtage.
Omdat de meniscus een schokdemper is, bestaat hij uit veerkrachtig materiaal. Dat maakt hem ook kwetsbaar. Na een verdraaiing of een val kan de meniscus daarom nogal makkelijk scheuren. Door de bewegingen van de knie kan de scheur steeds groter worden. Uiteindelijk kan een gedeelte van de meniscus bijna geheel losraken van zijn oorspronkelijke plaats. Soms komt het losse stuk van de meniscus zelfs vast te zitten tussen de twee botstukken van het gewricht, zodat het scharnier als het ware vastloopt. We zeggen dan dat de knie 'op slot' zit. Door de losse meniscusflarden raakt de knie ook geprikkeld en gaat vaak extra gewrichtsvloeistof aanmaken: de knie wordt dik.
De beschadigde meniscus
Als na een verdraaiing, of een val, of een extreme beweging zoals opkomen uit hurkzit, de knie pijn blijft doen, af en toe op slot gaat zitten en verdikt is, kan een beschadigde meniscus de oorzaak van deze klachten zijn. Op een röntgenfoto is een meniscus niet zichtbaar.
Toch wordt een foto gemaakt om een andere oorzaak van de klachten aan te tonen of uit te sluiten. Een los stukje bot bijvoorbeeld kan dezelfde klachten opleveren als een kapotte meniscus. In een enkel geval blijft de oorzaak van de klachten onduidelijk. In zo'n geval kan een MRI gemaakt worden. Op een MRI zijn de meniscus en een eventuele scheur in de meniscus wel te zien.
Een losgescheurd stukje meniscus kan geen dienst meer doen als schokbreker. Als het half-afgescheurde stukje meniscus alleen maar klachten geeft, kan het net zo goed worden verwijderd. Dat kan zeer goed gebeuren door middel van een artroscopie.
Via een klein gaatje wordt de artroscoop (de gewrichtskijker) in de knie gebracht. De meniscus kan zo goed worden beoordeeld. Als er een losliggende flap aan de meniscus zit, wordt deze flap met een schaartje afgeknipt en verwijderd. Maar in een enkel geval zit er in de meniscus een scheur die te vergelijken is met een scheur in de huid. Net zoals een huidwond gehecht kan worden, kan ook de meniscusscheur worden gehecht. Om te kunnen hechten, moet er soms een klein extra sneetje worden gemaakt bij de huid van de meniscus. Soms kan hij ook worden gerepareerd met kleine oplosbare spijkertjes. Het voordeel van een meniscushechting is, dat de schokdemper voor de knie behouden blijft. De knie blijft dus beschermd tegen artrose.
Maar de gehechte meniscus moet wel kunnen genezen. Dat betekent dat de knie een tijdje rust moet hebben en dat de patiënt een periode niet kan sporten. De kans dat een meniscushechting geneest, is ongeveer 80 procent. Na het verwijderen van een losliggend stukje meniscus daarentegen, is het probleem in één keer opgelost en kunnen de (sportieve) activiteiten weer vrij snel worden hervat.
Aan beide behandelmethoden, het verwijderen en het vasthechten van de meniscus, kleven dus voor- en nadelen.
De meniscus en de voorste kruisband
De schokdemper, de meniscus dus, wordt als het ware beschermd door de voorste kruisband. Als de voorste kruisband kapot is, wordt de meniscus niet goed meer beschermd. De meniscus raakt daardoor sneller beschadigd. Daarom zijn er zoveel patiënten met een niet goed werkende voorste kruisband en een beschadigde meniscus. Het repareren van een kapotte voorste kruisband heeft dus een gunstig en beschermend effect op de meniscus. Aan de andere kant is het ook zo, dat het hechten van een meniscus alleen maar verantwoord kan gebeuren als tegelijkertijd de (beschermende functie van de) voorste kruisband wordt hersteld.
Altijd opereren?
Als er al langer klachten zijn van een kapotte meniscus, wordt een artroscopie afgesproken. Maar als de knieklachten niet duidelijk wijzen op een probleem met de meniscus kan de orthopeed ervoor kiezen om de knie eerst te laten behandelen door een fysiotherapeut. Klachten kunnen namelijk ook veroorzaakt worden door een overbelasting van de knie of een beginnende slijtage. In dat geval helpt oefentherapie goed. Zijn de klachten na de fysiotherapeutische behandeling nog steeds aanwezig, dan kan alsnog een artroscopie worden afgesproken om eventuele meniscusbeschadigingen op te sporen en te behandelen. Ook kan een MRI worden verricht.
Bij een meniscusprobleem hoeft dus niet altijd direct geopereerd te worden. Als de knie door een meniscus op slot zit, wordt uiteraard op korte termijn een artroscopie gedaan.
Op latere leeftijd neemt de veerkracht van de meniscus af. De randen van de meniscus worden vaak ook wat rafelig. Ook wordt de kwaliteit van het gewrichtskraakbeen wat slechter. Pijnklachten van de knie worden dan meestal niet veroorzaakt door een meniscusbeschadiging, maar door de afnemende veerkracht van de weefsels, of een beginnende slijtage van de knie. Het verwijderen van een meniscus maakt in zo'n geval het probleem alleen maar groter. Want als de meniscus wordt verwijderd, verdwijnt nog meer schokdemper uit de knie. De behandeling moet in zo'n geval gericht worden op de beginnende slijtage en juist op het behouden van de meniscus in de knie. Verwijderen van stukjes meniscus uit een slijtende knie heeft alleen maar zin als het gaat om grote losliggende fragmenten, die slotklachten en irritatie opleveren.
Verdere ontwikkelingen
De meniscus heeft een belangrijke functie in de knie. Het is in de eerste plaats een schokbreker, maar omdat de meniscus aan de rand van het gewricht ligt, geeft hij ook nog steun aan de botstukken van het gewricht: de meniscus maakt de knie stabieler.
Het is dus belangrijk om zuinig te zijn op een meniscus. We verwijderen daarom alleen kapotte en losliggende meniscusflarden die klachten geven. Onbeschadigd meniscusweefsel halen we niet zomaar weg. Daar is een meniscus veel te belangrijk voor. Als dat mogelijk is, zullen we de meniscus hechten. We bewaren zoveel meniscus als maar mogelijk is. Als de meniscus toch geheel verwijderd moet worden, is een meniscustransplantatie mogelijk.
T. van Loon, orthopedisch chirurg
Uit: Beter in Beweging februari 1999

