Heup
Weefseldood in de heupkop
Algemeen wordt aangenomen dat afsluiting van bloedtoevoer de directe oorzaak is van deze aandoening. De kop van de heup krijgt zijn bloed voornamelijk via bloedvaten die de hals in de kop binnendringen. Bij een botbreuk van de hals van de heupkop of een luxatie (uit de kom schieten) kunnen de vaten worden afgesloten of scheuren. Aseptische femurkopnecrose kan ook andere oorzaken hebben. Oudere patiënten die aan ouderdomsontkalking lijden kunnen ondervinden dat de heupkop hun lichaamsgewicht uiteindelijk niet meer kan torsen. Langdurig gebruik van corticosteroïden bijvoorbeeld bij chronische reuma- of nierpatiënten kan femurkopnecrose veroorzaken met als gevolg dat het botweefsel verdwijnt (resorptie).
Tenslotte is er nog een aantal zeldzame oorzaken. Duikersziekte is daar een van. De aangeboren stapelingsziekte van Gaucher kan drukverhoging in de mergholte van de heup veroorzaken. Verkalkingen van de bloedvatwanden kunnen ook aanleiding zijn voor ontwikkeling van necrose.
Stervend weefsel
Uit onderzoek blijkt dat bot en beenmergweefsel ten dode zijn opgeschreven als ze langer dan zes uur zijn afgesloten van bloedtoevoer. De patiënt voelt daar meestal niets van. In zekere zin vechten de weefsels terug en prikkelen het lichaam om oud stervend weefsel te vervangen door nieuw levend weefsel in de heupkop. Dat geldt voor bloedvaten, bot en beenmerg. Maar na een paar weken geeft het oude weefsel de strijd op. Het wordt ingekapseld door littekenweefsel dat minder sterk is dan botweefsel; daardoor kan de heupkop inzakken. De inzakking (met een duur woord: segmentale collaps) veroorzaakt pijn, die zich pas maanden na het ontstaan van de necrose openbaart. De patiënt voelt de pijn meestal in zijn lies en aan de voorkant van het bovenbeen tot aan de knie. Door de pijn gaat hij mank lopen. Op de röntgenfoto en bij lichamelijk onderzoek wordt de inzakking steeds duidelijker. Hoe meer weefsel in verval is geraakt, des te ernstiger de klachten.
Herstel
Is het weefselverval niet groter dan een paar ‘speldenknoppen’, dan is herstel mogelijk. Dit kan bijvoorbeeld bij de duikersziekte wel optreden. De patiënt merkt dan ook weinig. Op de foto zijn uiteindelijk wat vlekjes op de heupkop te zien.
Bij weefselverval ter grootte van enkele kubieke centimeters is inzakking onvermijdelijk.
Bij heupfracturen en –luxaties is het zaak om ter voorkoming van necrose zo snel mogelijk tot behandeling over te gaan.
Bij andere oorzaken (geen verwondingen) dient de oorzaak van de aandoening aangepakt te worden. Bij kleine haarden van weefselverval kan eerst afgewacht worden tot eventueel spontaan herstel op gang komt. Middelgrote en grote gevallen van weefselverval bieden de mogelijkheid tot operatief ingrijpen ter voorkoming van inzakking. Maar dat geeft geen zekerheid op volledig herstel. Als de patiënt eenmaal duidelijke pijnklachten heeft en mank loopt, dan is herstel van een inzakking tot een normale situatie meestal niet meer mogelijk. Tegenwoordig wordt dan meestal een totale heupprothese aangeraden.
dr. E.G. Rosingh, orthopedisch chirurg
Uit: Beter in Beweging, juni 1998

